Peter Winnen Classic en verzuring
Naar de vaantjes, uitgewoond en uitgepierd. Een onvergetelijk moment in de tuin bij pa en ma in Sevenum aan het eind van de Peter Winnen Classic 2010. Alleen met de hulp van I. kon ik van de fiets komen. De spieren waren compleet verzuurd.
Was 't misschien de afstand die ik heb onderschat? Had ik te weinig gegeten, te weinig vocht ingenomen of lag 't aan 't benauwde weer? In ieder geval was 't straffe tempo van R. te hoog gegrepen en kwam ik nooit in mijn eigen, vertrouwde ritme. Zeker is ook dat na 130 km. de pijp uit ging. Wat een rustige afsluiting van het zomerseizoen had moeten worden, werd zo een pittige tocht. Weer een waardevolle ervaring rijker.
Mijn eigen, vertrouwde ritme. Dat is heel veel fietsen in een vrijwel constant tempo. Dat constante tempo is alleen onderhevig aan wind en zwaartekracht, mijn benen malen altijd met dezelfde kracht. Zonder hartslagmeter weet ik wat ik kan en waar mijn grenzen liggen. Bij de PWC heb ik nieuwe grenzen verkend, met verzuring als gevolg. Kilometers lang harder dan 35-36 km per uur en steeds maar weer versnellen. Niet mijn ding, dus.
"Of ik ook genoten had van de tocht?", vroeg R. Jazeker! Samen fietsen is (ook) fijn. Pijn lijden en grenzen verkennen is tot op zekere hoogte ook fijn. Noord-Limburg is mooi, mooier dan ik me 't herinner uit mijn jeugd. Volgens mij is 't land flink aangeharkt. Het enorme glas cola en de kersenvlaai in het café in Ysselsteyn was een mooie afsluiter (dank je wel nog, R.).
En op het pontje bij Arcen zag ik een man met een Cannondale Synapse. Dat was óók héél mooi...
Was 't misschien de afstand die ik heb onderschat? Had ik te weinig gegeten, te weinig vocht ingenomen of lag 't aan 't benauwde weer? In ieder geval was 't straffe tempo van R. te hoog gegrepen en kwam ik nooit in mijn eigen, vertrouwde ritme. Zeker is ook dat na 130 km. de pijp uit ging. Wat een rustige afsluiting van het zomerseizoen had moeten worden, werd zo een pittige tocht. Weer een waardevolle ervaring rijker.
Mijn eigen, vertrouwde ritme. Dat is heel veel fietsen in een vrijwel constant tempo. Dat constante tempo is alleen onderhevig aan wind en zwaartekracht, mijn benen malen altijd met dezelfde kracht. Zonder hartslagmeter weet ik wat ik kan en waar mijn grenzen liggen. Bij de PWC heb ik nieuwe grenzen verkend, met verzuring als gevolg. Kilometers lang harder dan 35-36 km per uur en steeds maar weer versnellen. Niet mijn ding, dus.
"Of ik ook genoten had van de tocht?", vroeg R. Jazeker! Samen fietsen is (ook) fijn. Pijn lijden en grenzen verkennen is tot op zekere hoogte ook fijn. Noord-Limburg is mooi, mooier dan ik me 't herinner uit mijn jeugd. Volgens mij is 't land flink aangeharkt. Het enorme glas cola en de kersenvlaai in het café in Ysselsteyn was een mooie afsluiter (dank je wel nog, R.).
En op het pontje bij Arcen zag ik een man met een Cannondale Synapse. Dat was óók héél mooi...