Vechtdaltoertocht: de 200 km gehaald
Met de bliep van de 200 km even een kruisteken gemaakt a la Carlos Sastre. Een mijlpaal is gehaald. Ik ben erg voldaan.
De voorbereiding op de tocht was nagenoeg perfect, maar even leek een griepje van Jan roet in het eten te gooien. Gelukkig was de griep op vrijdag bezworen zodat ik 's ochtends de geplande trip van 70 km. kon doen. In de namiddag nog goed gekeken naar Basso en Nibali op de Mortirolo: "zó doe je dat dus".
Iets voor half acht op een mooie zaterdagochtend startte ik vanaf het sportpark in Dalfsen. De Vechtdaltoertocht is een geweldige mooie tocht, op de Overijsselse grensstreek met Duitsland. Als je al twee minpunten mag noemen, zijn het wel het voortdurend draaien en keren ter hoogte van Uelsen en de smalle fietspaden in de bossen. Ach, laat maar: het was gewoon helemaal top!
Heel bewust fietste ik bij voortduring in een relaxed tempo, vrijwel nooit boven mijn macht, wetende dat 200 km toch wel erg veel is. Een ander voornemen was om niet uitgebreid te pauzeren en het liefst de tocht in mijn eentje te klaren. Ook dat lukte. Bij de 140 km kreeg ik een dip. Een stuk appeltaart bij de derde controlepost hielp me er weer bovenop waarna ik na iets meer dan 7 uur fietstijd bijna 208 km voltooide.
Mijn missie is geslaagd. Dank aan de weergoden, het thuisfront en mijn sparringpartners.
De voorbereiding op de tocht was nagenoeg perfect, maar even leek een griepje van Jan roet in het eten te gooien. Gelukkig was de griep op vrijdag bezworen zodat ik 's ochtends de geplande trip van 70 km. kon doen. In de namiddag nog goed gekeken naar Basso en Nibali op de Mortirolo: "zó doe je dat dus".
Iets voor half acht op een mooie zaterdagochtend startte ik vanaf het sportpark in Dalfsen. De Vechtdaltoertocht is een geweldige mooie tocht, op de Overijsselse grensstreek met Duitsland. Als je al twee minpunten mag noemen, zijn het wel het voortdurend draaien en keren ter hoogte van Uelsen en de smalle fietspaden in de bossen. Ach, laat maar: het was gewoon helemaal top!
Heel bewust fietste ik bij voortduring in een relaxed tempo, vrijwel nooit boven mijn macht, wetende dat 200 km toch wel erg veel is. Een ander voornemen was om niet uitgebreid te pauzeren en het liefst de tocht in mijn eentje te klaren. Ook dat lukte. Bij de 140 km kreeg ik een dip. Een stuk appeltaart bij de derde controlepost hielp me er weer bovenop waarna ik na iets meer dan 7 uur fietstijd bijna 208 km voltooide.
Mijn missie is geslaagd. Dank aan de weergoden, het thuisfront en mijn sparringpartners.